Moed oefenen
Bijgewerkt op: 25 sep
Sjoerd Kuyper, schrijver en hemelbestormer, is niet meer onder ons. Ooit zei hij in een interview dat zijn ideale leeftijd 74 jaar was en dat werd precies zijn laatste rondje door de seizoenen. Toch is het te vroeg om zijn moedsproeven al te moeten missen.
Warm en echt
Sjoerd Kuyper brak door met zijn verhalen over Robin, een jongetje van vier. Hij sprak zelf de luisterversies van deze voorleesboeken in. Met zijn bronzen stemgeluid, zijn rollende 'r' en vooral met zijn energie bracht hij Robin tienduizenden huiskamers binnen. Hij was Robin en daarmee kwam de magie vrij. Niet alleen onze jonge kinderen luisterden naar hem met open mond - ook hun vader en moeder. Zo warm en echt en razendknap zaten deze verhalen in elkaar!
Eerbetoon
Stoeien met papa, kletsen met mama, opa als grootste vriend - het was allemaal zo herkenbaar en invoelbaar - deze verhalen gingen ook over ons! Wachten op een klein babyzusje, voor het eerst naar de grote stad, wandelen door de krakende sneeuw en natuurlijk de vraag of Sint Nicolaas wel zou komen. Via dit soort universele belevenissen schiep Kuyper een prachtig eerbetoon aan de vroege kindertijd. Hij werd gelauwerd met acht Zilveren Griffels, één Gouden (voor 'Robin en God') en kreeg in 2012 de grote Theo Thijssenprijs voor zijn gehele oeuvre.
Eigen kindertijd
Al die jaren heb ik gedacht dat Kuyper zijn Robinverhalen modelleerde op de levens van zijn kleinkinderen, maar ik lees nu dat hij putte uit zijn eigen kindertijd als klein binkie. Rondsjouwend met zijn Knor-knuffel, kijkend met zijn opa naar de volle maan of De Nachtwacht en op kousenvoeten bij het wiegje van zijn kleine Suze-zusje. Toch was Kuyper altijd al een 'geboren opaatje', zoals hij zelf zegt in De Grote Vriendelijke Podcast. Deze dubbele portie empathie weekte zijn verhalen los van de tijd en lieten ze regelrecht landen in ons hart. Niet alleen zijn boeken trouwens: Kuyper schreef ook gedichten en filmscenario's. 'Mijn opa is een bankrover' hebben we met zijn allen verslonden - alweer zo'n warm, hilarisch verhaal dat in de kern echt gebeurd zou kunnen zijn. En weer wat later 'Hotel de grote L': een hartverscheurend verfilmd verhaal over hoe loyaal kinderen zijn aan hun ouders.
Rechte rug
Het zal vast geen toeval geweest zijn dat Kuyper zijn alter ego Robin noemde, want aan strijdlust voor de goede zaak ontbrak het hem nooit. Hij had oog voor vluchtelingen, het klimaat en maakte zich sterk voor zijn vakbroeders en -zusters. Kuyper pleitte voor goede verhalen, echte boeken en een fatsoenlijk honorarium voor hun makers. Bij het uitspreken van de Annie MG Schmidtlezing in 2009 gooide hij de knuppel in het hoenderhok, want leven van boeken maken werd steeds moeilijker. Voor hem persoonlijk mondde dit pleidooi uit in een zwerftocht langs uitgeverijen die wel-niet-wel een nieuw boek met hem aandurfden. Hij gaf de moed niet op en riep met een rechte rug iedereen wakker over waar een goed boek ook alweer begon - op de marketingafdeling van de uitgeverij of in het hoofd van de makers?
Laatste Gouden Griffel
De laatste jaren schreef Kuyper meerdere boeken over Maantje, een eigenzinnig meisje van een jaar of negen, dat net zo onbevangen in de wereld staat als Robin. Kuyper was een meester in het optekenen van kinderlogica met een filosofische ondertoon. Via Maantje vond hij een manier om het te hebben met kinderen over verbeeldingskracht en alles wat het leven de moeite waard maakt:
Maantje kijkt uit over de golven. ‘Ik sta de zee te verhuizen,’ zegt ze. ‘Een week geleden is oma verhuisd, eerst woonde ze in de wereld, nu woont ze in mijn hoofd. Ze zwom graag in zee. Dus nu verhuis ik de zee naar mijn hoofd, dan kan ze daar ook zwemmen.’
Het Jeugdjournaal meldde dat zijn kleinkinderen de ziek schrijver thuis verrasten met taart, bloemen en zijn allerlaatste Griffel: Goud voor 'Maantje verhuist de Zee'. De Griffeljury schreef: Literaire kwaliteit, humor, warmte, creativiteit en verbeeldingskracht komen samen in een verhaal dat kinderen volledig serieus neemt. Sjoerd Kuyper houdt grote thema’s klein en menselijk, waardoor ze des te harder binnenkomen.

Laten we het afweten?
Kuyper stoorde zich aan het verdwijnen van de ziel uit de wereld en was bezorgd over de uitholling van onze empathie en ons vermogen tot dieper luisteren. Dus schreef hij voor jongeren juist wél over grote-mensen-problemen als armoede, klimaatverandering en privacy – in jeugdboeken als 'De Duik', 'Bizar' en 'De Grote Vloed' trok hij alle registers open. Oplossingen had hij ook: hij herinnerde volwassenen er graag aan om kinderen op te voeden met schoonheid. Het interesseerde hem geen zier als mensen daar iets van vonden. Had hij niet vaak genoeg meegemaakt dat lezen onbelangrijk gevonden werd? En dat leesplezier en de liefde voor boeken – en dus voor menselijke verbeeldingskracht – ijskoud werden wegbezuinigd of erger nog: vergeten? Terwijl de remedie zo simpel is:
‘Door boeken in huis te hebben, door te laten zien dat je leest, door voor te lezen en te zeggen: ‘O stil, dit is zo mooi, zo spannend.’ Dat is zo makkelijk als wat. Kinderen zijn zo beïnvloedbaar, naar links of naar rechts. Als je iedere ochtend stil mag lezen in de klas en de juf of meester leest ook, dan wordt het een magisch iets. Of dat heerlijke moment dat je tegen je opa en je oma aan op de bank zit en wordt voorgelezen.
‘En dan kun je zeggen: de telefoontjes zijn gekomen, daarom wordt er minder gelezen, maar dit soort dingen is nooit de schuld van kinderen. Die worden precies zo geboren als tweeduizend jaar geleden, (...) de volwassenen laten het afweten. Niet de kinderen. Zo sprak de dominee! Maar het moet van onderaf komen: van ouders en leerkrachten.’ Sjoerd Kuyper in De Volkskrant, 31.05.2024
Aan de vooravond van de Michaëlstijd en de Kinderboekenweek zouden we het advies van Kuyper gewoon eens kunnen omarmen. We hebben iets te doen, want wie zijn we nog zonder onze ziel? Dankjewel Sjoerd, voor jouw tomeloze vuur, telkens weer, en voor jouw liefde voor het leven. Met een grote L.




Opmerkingen